De mandala's van Saturnus, Jupiter en Mars

 

De mandala's van Venus, Vulcanus en de Zon

 

De mandala's van De Maan, en De Wet van Zeven

 

De mandala’s van

Uranus, Neptunus, Pluto, Persephone, Hermes en Demeter

 

 

 

 

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 

 

De mandala’s van Saturnus, Jupiter en Mars

 

hebben allemaal een viervoudig symmetrische structuur.  Dat wil zeggen dat naar Noord, Oost, Zuid en West de vormen zich herhalen.  Deze structuur leent zich er goed voor om processen in de tijd uit te beelden.

Bij de vervaardiging heb ik me, vanaf het moment van de kleurkeuze, innerlijk ingesteld op de energie van de betreffende planeet.  Ik ben steeds in het midden begonnen, zonder voorafgaande planning en heb dan laten gebeuren wat er gebeurde.  Er ontwikkelde zich al snel een verhaal, waarin kleuren en vormen een speciale betekenis kregen en soms personen of zaken symboliseerden vanuit een heel persoonlijke ervaring.  Op die manier ontstonden een aantal thema's die elk een stukje levensgeschiedenis verhaalden.

Het begon steeds in het midden met een basispatroon waarin de potentiële energie van die planeet was opgesloten.  Daarna volgde een uitwerking van hoe die planeet zich in de loop van het leven uitdrukte door processen, levensfasen en concrete gebeurtenissen heen.  En tenslotte werd de mandala in een (voorlopige) synthese afgerond.  Tegelijkertijd was dan een totaalvorm ontstaan, die naar mijn gevoelen heel universeel was en die ik tevoren niet had kunnen plannen.

 

 

Saturnus

 

Het symbool van Saturnus staat voor de mens (maan) die beheerst wordt door de stof (kruis boven).

De Saturnusenergie is analoog aan die van het mineraal.  Ze geeft ons zekerheid, vastheid, vorm en structuur.  Ze is de basis van ons lichamelijke bestaan.  Alle andere betekenissen als discipline, orde, verantwoordelijkheidsbesef, systematiek, enzovoorts, vloeien daaruit voort.

In de mandala vallen de dichte, ineengedrongen en hoekige vormen op.  De kleuren zijn associatief gemakkelijk te verbinden met diverse soorten edelstenen.  Zoals bij stenen de uiterlijke vorm soms heel anders is dan de doorsnede, waarin vaak een mengsel van verschillende mineralen voorkomt, zo is dat ook hier het geval.  Er is zelfs enige verwantschap met de planeetvorm van Saturnus.  Met een beetje goede wil is de ring eromheen los te denken van de figuur in het midden.  In die ring' is een zonnefiguur verborgen als een god die in de steen slapende is.

 

In het centrum van de mandala bouwt zich gestadig een amethyst op met een eigen vorm en een eigen structuur.  Die vorm wordt echter spoedig in haar ontwikkeling gehinderd door het rode vierkant.  Saturnus gaat zich daarmee een koninklijke kleur aanmeten door middel van een koningsmantel die bezet is met goud en paarlen.  Het zijn in feite kwaliteiten van de Zon, die door het kleine ikje, dat Saturnus is, worden ingepalmd.  Maar Saturnus gaat dan tevens werken als de wachter op de drempel die een diepere laag aanboort en de egoïstische tendensen kenbaar maakt.

Wat volgde, is een proces van omzetting, waarbij de koningsmantel in stukken wordt gescheurd en zwart en wit gescheiden worden.  Wil (pyrit) en onbaatzuchtigheid (jaspis) zijn de schakels die het omzettingsproces voltrekken.  Daardoor wordt de oorspronkelijke amethyst vervolmaakt.  Ze krijgt een rode glans en ook een zekere afronding.  Uit de nieuwe innerlijke levenshouding ontstaat dan als vanzelf een andere vorm als een doorzichtig kristal, waarin de Zon zich gaat weerspiegelen.  De koninklijke kleuren zijn dan losgemaakt van het saturnale ik en worden toegekend aan het Zelf, de Zon, aan wie ze alleen toekomen.

 

We zien hier twee kanten van Saturnus aan het werk.  De ene kant bestaat uit het opbouwen van een zekere eigenheid.  De andere kant laat zien hoe dat fundament gebruikt wordt om een hogere kracht de kans te geven in aardse vormen uit te werken.

Het proces van Saturnus kan gekarakteriseerd worden als een proces van slijpen en geslepen worden.  Of de uiteindelijke vorm nu een kristal of een diamant is, is niet wezenlijk belangrijk.  Van belang is slechts dat Saturnus pure vorm wordt en niet meer dan vorm wil zijn, omdat ze op die manier het beste de Zon in zich kan laten schijnen.

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 

Jupiter

 

 

Het symbool van Jupiter stelt voor de mens (maan) die wil uitstijgen boven de stof (kruis onder) maar dit nog slechts in geloof kan doen (de cirkel ontbreekt).

De Jupiterenergie is analoog aan de energie van de plant, het vegetatieve bestaan.  Ze geeft ons groei, expansie, vitaliteit en herstelvermogen.  Jupiter groeit tegen de verdrukking in.  Optimisme. welvaart, geloof, opvoeding en genezing zijn voorbeelden van Jupiterenergie die we om ons heen kunnen waarnemen.

 

In de mandala vallen de heldere kleuren op.  Ook de vormen doen aan takken, bloembladen of boomstammen denken.  Bovendien is het alsof ze naar iets uitreiken.  Daarin zit de verwantschap met de welgedane planeet Jupiter.  Jupiter brengt geluk.  Hij zou een klavertje vier kunnen verbergen.  Of is die figuur een levensboom, zoals we hem wel op Twentse boerderijen aantreffen? Veel meer dan de Saturnusfiguur heeft de Jupitermandala een kaleidoscopisch karakter.

 

In de Jupitermandala heb ik een proces uitgebeeld dat betrekking heeft/had op mijn roeping in de wereld. Jupiter begint met een kruis dat hier staat voor het religieuze instinct.  Het brengt een groene tak voort die in een natuurlijke bedding kan opbloeien.  Daaromheen groeit een bloem van overtuigingskracht (oranje) waarin een behoefte tot verkondiging zit opgesloten.  Op basis van dat ideaal breekt het leven baan op twee manieren en in twee richtingen, die een tijdlang vredig naast elkaar kunnen bestaan.  Er groeit een boom in de vorm van een kruis dat de bloem geleidelijk aan geworteld doet raken in dematerie.  Tussen de armen van het kruis bloeien wel erg hard van stapel lopende takken van idealisme, zege en triomf, die echter geen stevige basis hebben en op lucht gefundeerd zijn.  De tak is (nog) niet op de juiste wijze met de boom verbonden.  Het ideaal kan zich niet goed uitdrukken in de bestaande werksituatie.  Deze toestand gaat als dubbelheid aanvoelen en als een leven met twee gezichten.  De bloem komt in een identiteitscrisis terecht, waarin alle kleuren door elkaar gaan lopen en opnieuw geordend moeten worden.  Identiteit wordt hier uitgedrukt door de kleur geel.  Er moet een snoeimes aan te pas komen dat een breuk teweegbrengt maar tegelijkertijd ruimte maakt voor een nieuw leven.  Dat nieuwe leven krijgt gestalte in een omvattende, goed aangelegde tuin.  Daaruit ontstaat bijna vanzelf een andere positie waar de natuur en groeien en bloeien aan de orde zijn.  Daar worden, op de afval van het oude, nieuwe stekken geplant waarin identiteit een centrale plaats inneemt.  Deze stekken leiden naar een bloem die was opengegaan den ie in de haar omgevende ruimte vrucht kon gaan dragen.

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 



Mars

 

 

 

 

Het symbool voor Mars betekent dat de geest (cirkel) beheerst wordt door de stof (kruis).  Er is nog geen verbinding tussen geest en stof gemaakt (de maan ontbreekt).

Mars is pure energie.  Ze bestaat uit begeerten, driften en zintuiglijke gewaarwordingen, analoog aan de dierlijke bestaansvorm.  Mars geeft ons moed, durf, daadkracht, assertiviteit, strijdlust, spanning, hartstocht, techniek en de drang tot voortplanting.

 

In de mandala zit een enorme energie.  Die wordt gesuggereerd door de kleuren, maar ook door de sterk kaleidoscopische effecten.  Vooral de figuur in het midden lijkt te bewegen.  De vormen zijn vaak puntig. aanvallend.  Verder zitten er veel kruismotieven in, ook al zo'n symbool van activiteit en dadendrang.  Een overeenkomst met de fysieke planeet Mars kunnen we vinden in de rode uitstraling, Opvallend in deze mandala is voorts dat Venus er in voorkomt.  Mars kan niet zonder haar, dat is duidelijk.

 

Het oorspronkelijke motief komt terug in de volgende laag, waarin het een plaats gaat zoeken in de wereld om zich heen.  Het bouwt aan structuren en opent voor anderen vergezichten vanuit vier verschillende gezichtshoeken.  Maar het blijft zelf min of meer verborgen en laat zich slechts gedeeltelijk zien.  De kleuren worden allemaal een tint lichter.  Op de achtergrond is een vierkant vlak waarin stralen van een diepere werkelijkheid verscholen liggen.  Die achtergrond is voordurend aanwezig en is de bron waaruit telkens nieuwe energie geput wordt.  In een derdelaag draait alles zich om van binnen naar buiten.  Daaruit resulteert een bezinning op het Venusprincipe, dat er eerst wel als iets vanzelfsprekends was, maardat nog niet bewust geïntegreerd was.  In de uit dit proces ontstane innerlijke eenheid wordt een nieuwe voedingsbodem gevonden.  Er ontstaan nieuwe vormen van activiteit waar meer eigenheid in zit, terwijl ook innerlijke processen meer naar buiten worden getoond.  Dan pas komt de aanwezige energie er helemaal uit, zij het als belofte voor een toekomst.  In een reflexie achteraf werden die rode banen vleugels voor me, die wel opengebroken waren maar nog gestrekt moesten worden.  Het lijkt een phoenix die op het punt staat uit de as te herrijzen.

 

Naast slijpen (Saturnus) en snoeien (Jupiter) dienen we ook onze begeerten te leren hanteren.  Behalve moed en durf (Mars) hebben we een zekere mate van dressuur nodig om onze energie maximaal te leren benutten en in banen te leiden.

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 

 

Maan


 

De maan vertelt het verhaal van de volwassen mens die de voorafgaande stadia van de natuur heeft geassimileerd.  Het vertelt ook het verhaal daten hoe die mens zich ervan bewust wordt de krachten van de geest in zich te dragen.

 

In deze mandala wordt een motief uit de Marsmandala hernomen: de uitstralende geestkracht.  Daar werd dat nog buiten mezelf geplaatst, hier wordt het als uitgangspunt en krachtbron van het eigen zelf als middelpunt genomen.  Uitgaande van die krachtbron wordt een eigen levensweg opgebouwd naar de vier windrichtingen.  Tegen de achtergrond van die weg is de concrete werkeli . kheid getekend.  Deze werkelijkheid wordt al spoedig als belemmering ervaren.  Vele structuren werken inperkend.  Het is alsof ik niet voldoende tot mijn recht kan komen in de verschillende werelden waarin ik leef.  Mijn ontplooiingsdrang stuit op conditioneringen en saturnale blokkades die de levensstroom stagneren.  De energie kan er niet uit en draait in een cirkeltje rond.  De enige uitweg is de weg uit het midden, vanuit het innerlijk waarin de energieën van de Geest stuwen naar vernieuwing en verruiming van horizon.  Die weg uit het midden weet een bres te slaan in de ommuurde wallen en kan zich dan in vrijheid vervolgen.

In de volgende stap wordt de Maan, in al haar wisselvalligheid en wispelturigheid gevormd tot een schaal waar de Geest doorheen kan stromen en haar vleugels kan uitslaan.  Het resultaat is dat de omgeving bevrucht wordt in een overdaad van nog ongekende mogelijkheden (het groene tapijt).  In de wisselwerking tussen de openheid van de Maan en de vleugels van de Zon, opent zich dan een perspectief dat zowel een nieuwe weg als ruimte suggereert op een geheel ander niveau.

 

Zich bevrijden van conditioneringen en een vrij mens worden is het resultaat van een universeel proces dat in principe binnen ieders bereik ligt.  De concrete omstandigheden van het proces verschillen.  Dat wat er wezenlijk gebeurt, is voor iedereen hetzelfde.  Deze volwassen Maan,

die niet meer opgevoed wordt maar zichzelf opvoedt, weet de krachten van de stof te bundelen en dienstbaar te maken aan het proces van individuatie.  Individuatie is enerzijds een eindpunt.  Het geeft de mens een eigen gezicht en een van anderen onderscheiden vorm.  Anderzijds is het een beginpunt, waarin door de uitwisseling tussen Zon en Maan een nieuw nog onbetreden pad zichtbaar wordt, dat uitmondt in een 'vlucht' naar andere bewustzijnswerelden.

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie


 

Venus

 

 

De Venusmandala draagt in haar hart het symbool van de Ankh.

Het lijkt een variant van het Venussymbool zelf.  Het is het

symbool van eeuwig leven.  De verrijzenis van de geest uit de gevangenschap van stof.  Het symboliseert aldus de overwinning van het leven op de dood, de geest op de stof, het goede over het kwade.  Het is Venus, de liefde, die de dood overwint.

De Ankh plaatst zich in deze mandala als het middelpunt van de vijfpuntige ster of het Pentagram.  Daartussen is een engel met paarse vleugels verborgen.  Venus, de engel die voor de vrouw mannelijk is en voor de man vrouwelijk.

Het Pentagram is het symbool van de volmaakte mens, de mens die tot eenheid in zichzelf gekomen is.  De figuur symboliseert de vijf elementen.  De bovenste punt is daarin ether of de quintessence. De volmaakte mens is met het hoofd - hier in de betekenis van het voornaamste aspect - verbonden met de essentie van het bestaan.  Die mens staat op twee benen: de aarde, het vrouwelijke, en het vuur, het mannelijke.  Hij/zij verbindt aldus de polariteiten.  De armen hebben betrekking op de verbindende elementen van water en lucht.  De uitgezuiverde inhoud (water) kan zich in de relatie (lucht) als eenheid aan anderen openbaren.

Maar voordat het zover is, valt er een weg te gaan.  Daarom kan het Pentagram ook beschouwd worden als een weg tot ordening van de psyche.Wanneer we het Pentagram tekenen in één doorgaande lijn, krijgen de lijnen van de ene punt naar de andere een actieve betekenis.  De eerste lijn (van boven naar linksonder) brengt de aarding in de stof teweeg.  In de volgende (opwaartse) lijn vindt een proces van uitzuivering plaats door het water.  Dan wordt het element lucht in werking gesteld, waarin de gelijkwaardigheid tussen mannelijk en vrouwelijk, tussen gevoel en verstand, wordt bewerkstelligd.  Het volledige zijn, vuur dat daardoor (van linksboven naar rechtsonder) tot stand wordt gebracht, wordt nu in de beweging van het proces geïntegreerd.  Tenslotte wordt alles weer teruggebracht in de essentie, die een voltooiing van de weg betekent.

Zo zien we hoe in het Pentagram de vier windstreken of de vier elementen op een geheel eigen wijze worden geordend.

Het Pentagram wordt vaak gebruikt als een beschermend symbool tegen demonische machten.  Alleen de volmaakte mens die voeling heeft en houdt met de essentie van het bestaan, is in staat die machten de baas te kunnen.

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 

 

Vulcanus of Mercurius

 

 

 

Het symbool van Vulcanus staat voor de verbinding (halve cirkel bovenaan) die vanuit de geest gemaakt wordt.

De oorspronkelijke Mercurius heeft twee gezichten.  In hoogste aanzicht is hij Hermes, de bode der goden en hoorthij thuis in het kosmische gebied.  In de mens is hij het concrete verstand, Vuicanus.

Tegen de achtergrond verscheen voor mij een spiegel waarin de Werkelijkheid voor het verstand verborgen blijft.  In die spiegel treffen we het symbool van de cirkel binnen cirkels aan.  Elke

cirkel betekent een stap in het bewustwordingsproces dat naar het middelpunt leidt.  Elke cirkel is een nieuwe integratie die de volgende stap voorbereidt en inzet.  Maar dat proces en die Werkelijkheid zijn hier verborgen achterfragmenten van denken.  Door hersencellen en denkstructuren aan elkaar te knopen proberen we de Werkelijkheid te benaderen.  Voor mij werden die knopen bijna stukjes prikkeldraad die me beletten de Werkelijkheid te zien.

De vier halve cirkels zijn nieuwe hersencellen die in dit leven worden opgebouwd.  Ze hebben enig verband met de vier elementen.  Het vijfde, verbindende element ontbreekt hier.  Wij proberen verstandelijk een zekere greep te krijgen op spiritualiteit (boven), op kosmische verbanden (links), op aardse vormen (onder) en psychische inhouden (rechts), maar pakken net niet de quintessence.

Met Vuleanus kwam ik nog niet verder.  De Maan kan haar ik-besef nog niet opgeven en is hevig verwikkeld in de strijd om de stukjes aan elkaar te knopen.  We zien haar in de rechtse halve cirkel verwoed bezig, op zoek naar de waarheid.

 

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 

 

de Zon

 

 

In de astrologische symboliek kunnen we een onderscheid maken tussen het symbool van de Algeest () en het symbool van Apollo, de zoon, een persoonlijk centrum van bewustzijn (cirkel) dat gekoppeld is aan de maan (halve cirkel).  Het eerste symbool staat voor de drager van het hele universum, het tweede voor de Zon van ons zonnestelsel.

In de mandala zien we beide symbolen dooreen geweven.  Het grondvlak wordt gevormd door de buitenste cirkel en de punt in het midden.  Het  symbool zien we halverwege verschijnen in de oranje cirkel en in de, hier, liggende Maan.

 

Het Middelaarschap tussen de ene Werkelijkheid en de mens komt in de mandala tot uitdrukking in de oranje cirkel.  In zijn binnenste draagt hij de Leegte of de Volheid, die zich manifesteert in drie aspecten.

De drie in één dragen de kern van al wat is en zijn gereed tot openbaring.

'De heilige drieheid komt voort uit de ‚‚n en is de tetractys', staat in De Geheime Leer.  De tetractys of tetraëder is het symbool van de macrokosmos.  Het is het wezenlijke van alle vormen omdat het alles in zich heeft.

Dit niveau van zijn is voor ons mensen een mysterie.  Licht dat nog duister is, verborgen in de diepten van het bestaan.

Dan verandert het beeld van de mandala in een speciaal aanzicht van de octaeder,(de achthoek), het symbool van de menselijke Monade, de goddelijke Vonk en drager van de Vlam.

De Ene wordt tot de velen, tot vonken van één Vlam, die zich verspreiden in de ruimte.  De Vonk heeft alles van de Vlam in zich.  Zoals elk deel alles in zich bevat van wat is in het geheel, zo is in elke Vonk de Vlam aanwezig.  De Vonk is deel en is Geheel, een eenheid van bewustzijn.  Hij vormt zich daarom tot een (oranje) cirkel.  Hij, de Zoon van de Vader, de koning voor de mens, wordt tot Emmanuel, de god met ons.  Hij is het Woord dat mens wil worden in ieder van ons.  Hij daalt neer in de aardse werkelijkheid en vormt zich zes stralen, tweemaal drie.  Hij brengt in zichzelf hemel en aarde tezamen in de zespuntige ster.  De goddelijke driehoek draagt de kleuren van zoonschap (één van de drie) en van koningschap (goud).  De menselijke driehoek die van strijd (rood) en van ontvankelijkheid (blauw).

De verbinding is gemaakt.  Maar nog is dit niet het einde van de reis.  Er vormtzich een kruis dat, door de wat smallere horizontale balk, associaties oproept aan het Calvariekruis.  Dat kruis is het symbool van offering.  Pijn, strijd en beperking worden zijn deel vooraleer hij werkelijk in de stof geboren kan worden.  De kern van elke mens is gekruisigd aan de concrete werkelijkheid.  Beperkt, verbannen, maar tegelijk werkzaam in de aarde om die om te vormen en in contact te brengen met de werkelijkheid van de Geest.

'Hoe zal dat geschieden', zegt de vrouw Maria.  Hoe zal dat geschieden, zegt de ziel - de liggende Maan - die, transparant geworden, zich aanbiedt als instrument in de handen van de Geest dichaarvan bovenaf overstraalt en vruchtbaar maakt.  Het is de vrouw die het transcendente immanent maakt.  Het is de vrouw die de Zoon als een kind in zich draagt.  Het is de vrouw, de menselijke Maan, die de Zoon geboren laat worden als een licht voor de wereld die in de duisternis van onbewustheid gedompeld is.

De buitenste cirkel is de uitdrukking van een volheid van beleving die niet in woorden te vangen is.  Het is als een kroon waarin de oranje cirkel als een achthoek verweven raakt.  Deze wordt daarmee opgenomen in de kosmische totaliteit waarbinnen het geboorteproces plaatsvindt.

Dat geboorteproces is het verhaal van Kerstmis.  Het is het verhaal van de ziel die maagdelijk en leeg geworden, zich laat bevruchten door de geest.  Dat is het verhaal van deze mandala waarin alle menselijke mogelijkheden zijn samengebracht.  De liggende Maan verbindt zich met de Zon.  De Zon verbindt zich met de Algeest.  Het Ene Leven stroomt door al die transformatoren heen, zodat alles vervuld wordt tot één Volheid van Zijn en van beleven.

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie

 


Maanmandala 2  (Wet van Zeven)

 

 

 

Deze mandala geeft een voorstelling van de volledig vrije mens, die de Wet van Zeven kent.

 

Deze mandala vertolkt de symboliek van de geordende psyche, de zeshoek of de Davidsster.  De hemelse en de aardse driehoek zijn daarin met elkaar vervlochten tot een eenheid.  De Maan, het samenvattende principe heeft in het midden een vrije positie verworven.  Rondom haar zijn de andere planeten gegroepeerd.  Links de gevoelsplaneten, Venus en Mars.  Rechts de denkplaneten, Vuleanus en Jupiter.  In het midden de zijnsplaneten, de Zon en Saturnus.  De Maan verbindt slechts en is louter dienstbaar geworden aan de andere krachten.

Het geheel geeft een beeld van harmonie en evenwicht tussen de diverse krachten in de ziel.  Hiermede is een zekere afronding bereikt.

In deze laatste Maanmandala wordt een andere structuur zichtbaar.  Een structuur waarin symbolen de inhoud gaan vormgeven.  Het gaat niet meer om een geschiedenis, maar over een ideaal dat niet in tijd te vangen is.

 

 

De overige mandala’s:

Uranus, Neptunus, Pluto, Persephone, Hermes en Demeter

 

Uranus

 

 

 

 

 

 

 

Neptunus

 

 

 

 

 

 

Pluto

 

 

 

 

 

 

Persephone

 

 

 

 

 

 

 

 

Hermes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Demeter

 

 

 

 

 

terug naar begin van de pagina                           naar de homepagina                              naar de bestelinformatie